Monthly Archives: April 2016

De inventaris van het Bakhuizen archief

Tijdens mijn stage, van 1 februari tot en met 18 maart 2016, heb ik onder begeleiding van Winfred van de Put een inventaris van het Bakhuizen archief gemaakt. Dr. Simon Cornelis Bakhuizen (1935-1996), ‘Kees’ in het dagelijks leven, was een classicus, oudhistoricus en daarnaast kan hij beschouwd worden als de ‘founding father’ van het NIA. De oprichting van de Archeologische Survey School van Nederland in Griekenland in 1976 kwam tot stand op initiatief van Bakhuizen in samenwerking met het Griekse Ministerie van Cultuur. Deze zou na een aantal transformaties uiteindelijk uitgroeien tot het huidige instituut.

Het archief van Bakhuizen is in twee zendingen op het NIA terechtgekomen, de eerste dozen arriveerden in 2000/2001 en de rest van het archief volgde in 2006/2007. Mijn stage stond in het teken van het ontsluiten en het ‘materieel verzorgen’ van dit archief. Met behulp van een invoerprogramma in Microsoft Access, een ontnieter en meer dan 200 zuurvrije omslagen heb ik mij hier zeven weken op toegelegd. Het doorspitten van onder andere brieven, dagboeken, talloze notities, overdrukken, tekeningen en foto’s gaf mij een unieke inkijk in het leven van Bakhuizen. Zelf ben ik opgeleid als historicus, maar het archief heeft mij veel geleerd over het uitvoeren van archeologisch veldwerk.

Zijn hoofdinteresse, de Griekse antieke versterkte nederzettingen, resulteerde in diverse veldwerkprojecten en surveys in onder andere Chalcis, Goritsa, Magnesia en Kallion. De survey van Goritsa was echter zijn levenswerk en onder zijn leiding werden in de periode 1970-1981 de oppervlakteoverblijfselen van deze versterkte nederzetting gedocumenteerd en geclassificeerd. De bevindingen zijn in 1992 gepubliceerd in het boek A Greek City of the Fourth Century B.C. De veldwerkprojecten van Bakhuizen overlapten elkaar min of meer, maar vonden voornamelijk plaats in de jaren zestig en zeventig van de 20ste eeuw. Uit zijn werk komt niet alleen de liefde voor het doen van survey naar voren, maar ook de interesse in antropologie en ‘New Archaeology’, wat dat betreft was hij iemand die zijn tijd, zeker in Nederland, flink vooruit was en een hele generatie archeologen heeft geïnspireerd.

Hoewel het mij niet is gelukt om het gehele archief te inventariseren, hoop ik dat er in ieder geval een stevig fundament is gelegd. Mijn verblijf in het NIA draaide echter niet alleen om de inventarisatie van dit archief. Ik heb Willem Ledeboer geassisteerd bij de voorlichtingsbeurs voor Griekse studenten die in Nederland willen studeren. Daarnaast ben ik naar een aantal (jaarlijkse) lezingen geweest van andere buitenlandse scholen. Tot slot gaf mijn tijd in Athene mij ook de gelegenheid om onderzoek te doen voor mijn scriptie in de Britse en Amerikaanse bibliotheek. De stage in het NIA was een zeer leuke en leerzame ervaring en ik wil ik alle medewerkers van het instituut bedanken voor deze plezierige tijd.

Niels Dijkstra, Master Oude Geschiedenis, RUG

 

 

 

Iris de Fuijk studying Neolithic Households in the Central Aegean

Athens. Really, it’s a big city for someone from the small, Dutch city of Utrecht. During my three previous trips to Athens (which were all very short) I’ve always been struck by the city’s size, its chaos, its large amounts of coffee-bars and of course its variety. Variety in wealth, poverty, grimness and also in the phenomenon of modern architecture alternated by archaeological remains. In February, I had the great opportunity to get to know the city a little better: I stayed at the NIA for 5 weeks. The main reason to go to Athens was to obtain as much literature as possible for my master thesis, which is about Late Neolithic/Final Neolithic houses and households in the central Aegean. Indeed, soon after I started my thesis in September it became clear that most literature on Greek Late Neolithic and Final Neolithic sites cannot be found in the Netherlands. A trip to Athens was crucial. Fortunately, the trip became a reality thanks to a scholarship granted by the NIA.

And so it began. I landed in an unfamiliar library-world in Athens. But, it didn’t take long before I sat among other people, all engaged in their archaeological and/or ancient historical research. It was not very hard to become encouraged by the library-atmosphere in the NIA and in other institutes.  And of course there are plenty museums and archaeological sites around every corner in the city. So no lack of inspiration there. In fact, the acropolis is right outside the NIA, and honestly, I still can’t get enough of the view.

IdF Athens from Philopappos

Athens city-view from Philoppapos hill

Every morning, I walked with a fellow student to the American and British institutes in the Kolonaki area (yes, we walked. Most people thought we were insane, but we had our reasons: 1. we got at least some exercise during the long library-days, 2. we could save some metro-money and 3. we could see and experience the city). In the institutes, I spend the days searching and scanning dozens of books and articles The evenings were filled with “household-stuff”, such as cooking (preferably on a decent Dutch time. Apparently, diner after 9 pm in Athens is not only a summer thing, which I still do not understand). Or it was possible to go to a lecture. In my mind, this is an extraordinary phenomenon: there are lectures on all sorts of (ancient) subjects in the multiple institutes all over Athens. Despite the differences in venues (from sitting in a cosy environment, almost in the bookshelves, to sitting in a huge hall with cinema-like chairs) the people, students, PhD’s, professors and researchers, often stayed the same. Apparently, this library-world is a small one.

 

 

IdF Library BSA

British School at Athens Library

 

Besides my scanning-tasks and the lectures, I also paid multiple visits to the archives in the Blegen library of the American School. This was a completely new, but interesting experience. One of my case-studies is the Final Neolithic site of Kephala, located at the Cycladic island Kea. The records of the Kea excavations (1960’s) have been inventoried quite recently and this gave me the opportunity to search through all the information about the site. I looked at the old notebooks, first drafts of reports, letters, photographs and maps. Although it was sometimes a challenge (it took me a while to decipher the handwriting), these visits were informative and a welcome addition to my research.

IdF EBA Kolonna

Early Bronze Age Kolonna

Looking back, I feel like I’ve had quite a diverse experience in Athens. On the one hand, I could finally grasp the long-wanted articles and books, which will definitely contribute to my thesis. On the other hand, there were opportunities to visit archaeological sites and museums in Athens (e.g. Kerameikos, National Museum and Acropolis museum) in order to actually see the material I’m dealing with. AND while I was Greece, why not make some trips outside Athens? In the weekends, I went to Brauron (also the location of a Final Neolithic settlement of which the material can be seen in the museum), Delphi (never been there before, absolutely beautiful!) and Aegina (also the location of a Final Neolithic settlement, i.e. Kolonna). In the end, I realized how much I haven’t seen yet, but obviously, one has to save some things to see (and read) for a next time.

IdF Delphi

Delphi

Iris de Fuijk, Research Master Archaeology, University of Amsterdam